Alle tijden
Praesens, perfectum, imperfectum, plusquamperfectum, futurum, conjunctief I + II.
Praesens, perfectum, imperfectum, conjunctief – alle tijden, alle personen, alle wijzen. Tot je er niet meer over hoeft na te denken en het gewoon zegt.
Praesens, perfectum, imperfectum, plusquamperfectum, futurum, conjunctief I + II.
Sein, haben, gehen, kommen – de 80 belangrijkste onregelmatige werkwoorden drillen.
Op tijd vervoegen – totdat het muscle memory wordt.