V-IZ Video-Integrationszentrum
Nederlands

ZINSELEMENTEN

Wie doet wat, wanneer en waar?

Wie zinsdelen herkent, begrijpt ook de woordvolgorde beter. Bekijk de volledige zin en tik op het gevraagde zinsdeel. 113 zinnen van A1 tot B1, zonder account.

In één oogopslag

113 zinnen van A1 tot B1

Er staan ​​tot nu toe elk 50 zinnen op A1 en A2, en 13 op B1. Alle zinnen komen uit het dagelijks leven en zijn kort genoeg om in één oogopslag te begrijpen.

Eén vraag per kaart

Iedere keer vraagt ​​de trainer om een ​​deel van de zin, bijvoorbeeld “Tik op het onderwerp”. Als dezelfde zin opnieuw voorkomt, kan de vraag over het werkwoord gaan.

Bij een fout zie je meteen wat er mis was

Als je ernaast raadt, vertelt de trainer je welke rol dit onderdeel werkelijk had: predikaat, object, tijd of locatie.

Dit is hoe het werkt

Open. Oefening. Verder.

  1. 1

    Kies niveau

    A1, A2 of B1.

  2. 2

    Tik op blok

    De hele zin staat in bouwstenen. Je tikt op degene waar om wordt gevraagd.

  3. 3

    Vergelijk rollen

    Alle bijpassende bouwstenen worden groen. Op de homepage van de trainer staan ​​de volgende vragen: Wie of wat? Wat gebeurt er? Wie of wat?

Vandaag beginnen. In jouw tempo.

Oefenen kost niets. Woordenschat, grammatica, uitspraak en de inburgeringstoets zijn gratis. De videocursus met Marlene en het Hueber-boek komt erbij als je meer wilt.