Het mondelinge DTZ-examen: verloop, onderdelen en taaluitdrukkingen
Zo verloopt het mondelinge DTZ-examen
Het mondelinge examen van de Deutsch-Test für Zuwanderer (DTZ) duurt ongeveer 15 minuten en is meestal een duo-examen: u spreekt samen met een tweede deelnemer. Twee examinatoren zitten erbij en beoordelen uw prestatie. Het examen heeft drie vaste onderdelen die altijd op dezelfde manier zijn opgebouwd. Als u deze drie onderdelen kent en vooraf oefent, loopt u rustig en zelfverzekerd het examen in.
Belangrijk om te weten: de DTZ is een examen met twee mogelijke uitkomsten. Afhankelijk van hoe goed u spreekt en schrijft, krijgt u niveau A2 of B1. Voor de meeste doelen, zoals de naturalisatie, heeft u niveau B1 nodig.
De drie onderdelen van het mondelinge examen
Deel 1: Uzelf voorstellen
In het eerste deel stelt u zichzelf kort voor. U spreekt over uzelf: naam, herkomstland, familie, beroep, hobby’s en waarom u Duits leert. Daarna stellen de examinatoren vaak een of twee vervolgvragen, zoals: “Hoe lang woont u al in Duitsland?” of “Wat doet u in uw vrije tijd?”
Dit deel is uw gemakkelijke start. Leer vooraf een paar zinnen over uzelf goed uit uw hoofd, dan begint u zelfverzekerd.
Deel 2: Over een situatie of afbeelding spreken
In het tweede deel krijgt u een aanleiding, vaak een afbeelding of een korte alledaagse situatie (boodschappen doen, werk, familie, gezondheid). U beschrijft wat u ziet en spreekt over het onderwerp. Voor niveau B1 volstaat het niet om alleen te zeggen wat er op de afbeelding staat. Breng ook eigen ervaringen en een korte mening in, bijvoorbeeld: “In mijn land is dat anders…” of “Ik vind dat goed, omdat…”.
Deel 3: Samen iets plannen
Het derde deel is het belangrijkste voor een echt gesprek. U en uw gesprekspartner plannen samen iets: een verjaardagsfeestje, een uitje, een cadeau of een gezamenlijke afspraak. Hier moet u voorstellen doen, op de andere persoon reageren, instemmen of vriendelijk afwijzen en aan het einde een gezamenlijke beslissing nemen.
Precies hier blijkt het verschil tussen A2 en B1: wie een gesprek echt voert, doorvraagt en op de partner ingaat, bereikt eerder B1.
Hoe wordt het mondelinge examen beoordeeld?
De examinatoren letten op vijf criteria:
- Taakvervulling - Heeft u de opdracht volbracht?
- Uitspraak - Begrijpt men u goed?
- Vloeiendheid - Spreekt u zonder lange pauzes?
- Correctheid - Zijn uw zinnen grammaticaal correct?
- Woordenschat - Gebruikt u passende woorden?
U hoeft niet perfect te zijn. Kleine fouten zijn toegestaan, zolang men u goed begrijpt en u het gesprek gaande houdt.
De belangrijkste taaluitdrukkingen
Taaluitdrukkingen zijn vaste zinnen die u tijdens het examen direct kunt gebruiken. Leer deze uit uw hoofd, dan heeft u altijd een goede zin bij de hand.
Uzelf voorstellen (deel 1):
- “Ik heet … en kom uit …”
- “Ik leer Duits, omdat …”
Een afbeelding beschrijven (deel 2):
- “Op de afbeelding zie ik …”
- “Op de voorgrond / op de achtergrond …”
- “Ik denk dat de persoon … is, omdat …”
- “Uit mijn ervaring kan ik zeggen dat …”
Samen plannen (deel 3):
- Voorstel doen: “Ik stel voor dat we …” / “Hoe zou het zijn als …?”
- Instemmen: “Dat is een goed idee.” / “Akkoord.”
- Afwijzen: “Dat vind ik niet zo goed, omdat …” / “Ik heb een ander idee.”
- Navragen: “Wat vind jij?” / “Kunt u dat alstublieft herhalen?”
Zo bereidt u zich het beste voor
De beste truc tegen examenvrees is spreken, spreken, spreken. Oefen hardop, het liefst met een leerpartner of een docent die uw fouten corrigeert. Neem uzelf op met uw telefoon en luister terug: waar maakt u pauzes? Welke woorden ontbreken u?
Een gestructureerde cursus helpt, omdat u daar precies de onderwerpen en taaluitdrukkingen van het examen traint. In de B1-cursus van V-IZ leert u met een echte DaF-docent en oefent u het vrij spreken aanvullend met een AI-trainer voor uitspraak en brieven. Zo gaat u voorbereid alle drie de onderdelen van het mondelinge examen in. Wie vanaf het begin wil opbouwen, vindt in het compleet pakket A1 tot B1 de hele weg tot aan de DTZ.
Kort samengevat
Het mondelinge DTZ-examen is goed te doen als u de drie onderdelen kent: uzelf voorstellen, over een afbeelding spreken en samen iets plannen. Leer vaste taaluitdrukkingen, blijf in gesprek en laat zien dat u kunt reageren. Dan bereikt u niveau B1, dat u nodig heeft voor uw weg in Duitsland. Oefen regelmatig, dan bent u op de examendag rustig en zelfverzekerd.
Veelgestelde vragen
Hoe lang duurt het mondelinge deel van de DTZ?
Het mondelinge deel duurt in totaal ongeveer 15 minuten. Per persoon is er dus niet veel tijd, dus spreek direct en zonder lange pauzes. Daarvoor is er meestal een korte voorbereidingstijd waarin u aantekeningen mag maken.
Is het mondelinge DTZ-examen een individueel of duo-examen?
In de regel is het een duo-examen met twee deelnemers. U spreekt vooral in deel 3 met elkaar. Alleen als er geen partner aanwezig is, neemt een examinator die rol over.
Wat gebeurt er als ik mijn gesprekspartner niet begrijp?
Blijf kalm en vraag vriendelijk na, bijvoorbeeld: Entschuldigung, können Sie das bitte wiederholen? of Wie meinen Sie das? Navragen is geen fout, maar laat zien dat u een gesprek kunt sturen. Dat wordt zelfs positief beoordeeld.
Welk niveau heb ik nodig voor de naturalisatie?
Voor de naturalisatie zijn in de regel Duits taalvaardigheidsniveau B1 vereist. Ook de hervorming van 2024 heeft B1 als standaard behouden. Een hoger niveau zoals C1 is alleen relevant voor de zeldzame snellere naturalisatie, niet voor het gewone geval.
Kan ik alleen het mondelinge deel overdoen als ik zak?
Bij de DTZ wordt het totaalresultaat berekend uit het schriftelijke en mondelinge deel. U kunt de DTZ herhalen als u nog recht heeft op lessen in de integratiecursus. Praat hierover met uw taalschool of het BAMF.
Welke onderwerpen komen voor in het mondelinge DTZ-examen?
Het gaat altijd over alledaagse onderwerpen zoals familie, werk, wonen, boodschappen doen, gezondheid, vrije tijd of feesten. In deel 3 plant u vaak een feestje, een uitje, een cadeau of een bezoek. Precies deze onderwerpen kunt u vooraf goed oefenen.